Veelgestelde vragen - vrijwillige aankoop piekbelasters stikstof

Hier vindt u de vragen die veelgesteld zijn over de vrijwillige aankoop van piekbelasters en onze antwoorden hierop. Klik op om de thema's en vragen uit te klappen. 

Het Rijk stelt in totaal €350 miljoen beschikbaar aan de provincies om piekbelasters stikstof te kunnen aankopen. Dit bedrag wordt verdeeld over drie tranches van respectievelijk €100 miljoen, €100 miljoen en €150 miljoen.  Voor de provincie Noord-Brabant bedraagt het budget €53 miljoen, verdeeld in tranches van €16 miljoen, €15 miljoen en €22 miljoen. De eerste tranche is op 18 januari geopend t/m 1 maart 2021. Naar verwachting volgen de tweede en de derde tranche in het begin van 2022 en 2023.

Veehouderijen met fosfaat-, varkens- of pluimveerechten. Deze rechten moeten op het moment dat de koopovereenkomst wordt gesloten voor ten minste 80% zonder beperking ter beschikking staan van de veehouderij. Daarnaast veehouderijen voor het houden van vleeskalveren of andere runderen (geen melkvee) bestemd voor de productie van vlees en melkgeiten; deze bedrijven beschikken niet over fosfaat-, varkens- of pluimveerechten. 

Een paardenhouderij valt niet onder opkoopregeling. Het is overigens niet juist dat een paard evenveel stikstof uitstoot als een koe in een emissiearme stal. De uitstoot van een melk- of kalfkoe ouder dan 2 jaar is in elk stalsysteem groter dan de uitstoot van een volwassen paard (3 jaar en ouder).  

De Minister van LNV heeft op 14 december 2020 bij de behandeling van het wetsvoorstel “Wijziging van de Wet verbod pelsdierhouderij in verband met een vervroegde beëindiging van de pelsdierhouderij” (kamerstukken 35 633) in de Eerste Kamer uiteengezet dat voor nertsenhouderijen geen andere stikstofregels mogen worden gesteld dan voor andere veehouderijen. Aanleiding voor deze uiteenzetting was het negatieve advies van de Raad van State over een specifiek voor nertsenhouderijen bedoelde bepaling over stikstof in het oorspronkelijke wetsvoorstel. De uitspraken van de minister hadden geen betrekking op de opkoopregeling. Uit de toelichting bij de regeling (paragraaf 5.1) blijkt dat de minister de regeling heeft willen toespitsen op veehouderijen waar bepaalde diersoorten worden gehouden met een relatief hoge stikstofdepositie op nabijgelegen natuurgebied. Kennelijk heeft de minister geoordeeld dat nertsenhouderijen hier niet onder vallen. 

Een piekbelaster is een veehouderijvestiging waarvan de stikstofdepositie op stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, voor zover gelegen binnen een straal van 10 kilometer van de vestiging van de veehouderij, in het afgelopen jaar meer bedroeg dan 2 mol stikstof gemiddeld per hectare per jaar. Voor veehouderijen met fosfaat-, varkens- of pluimveerechten moeten die rechten voor ten minste 80% zonder beperking ter beschikking staan van de veehouderij op het moment dat de koopovereenkomst wordt gesloten. 

U kunt dit (laten) nagaan door met de AERIUS Calculator een berekening te maken van de stikstofdepositie van uw bedrijf en vervolgens met de AERIUS Aankoop Calculator te berekenen of uw bedrijf binnen een straal van 10 kilometer meer dan 2 mol stikstof gemiddeld per hectare per jaar uitstoot op stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. Zie voor meer informatie: https://www.aerius.nl/nl 

De toelichting bij de opkoopregeling geeft hierover in paragraaf 4 het volgende aan: “De beperking tot natuurgebied dat op minder dan 10 kilometer afstand van de aan te kopen veehouderijvestiging is gelegen, hangt samen met het feit dat de stikstofdepositie van een veehouderijvestiging exponentieel afneemt naarmate de natuur verder van de vestiging af is gelegen. Het is niet zinvol ook natuurgebied op een grotere afstand dan 10 kilometer te betrekken bij de bepaling van de stikstofdepositie.”

De Minister van LNV over dit onderwerp het volgende laten weten aan de Tweede Kamer: “AERIUS Calculator hanteert bij de berekening van depositiebijdragen van de emissie van stallen geen afstandsgrens. Het kabinet acht een gelijkwaardige behandeling van verschillende typen emissiebronnen gewenst en onderzoekt daarom in samenwerking met het RIVM of aan de hand van eenduidige criteria een wetenschappelijk onderbouwde afstandsgrens dan wel depositiewaarde voor verschillende emissiebronnen vast te stellen is en welke implicaties dit met zich meebrengt.” (Antwoord op vraag 316 in de Nota naar aanleiding van het verslag van de vaste commissie voor LNV van de Tweede Kamer over het wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering, kamerstukken 35 600, nr. 7).

Het RIVM heeft onderzocht hoeveel veehouderijen als piekbelaster in de zin van de opkoopregeling kunnen worden aangemerkt. In de provincie Noord-Brabant zijn dit er circa 200. Als voor deze bedrijven de normen voor kosteneffectiviteit worden toegepast, dan blijven er circa 150 over die in aanmerking komen voor opkoop. De provincie beschikt niet over een namen- en adressenlijst van deze bedrijven. Het RIVM stelt een dergelijke lijst niet ter beschikking, om redenen van privacy. De provincie heeft overigens ook geen behoefte aan deze lijst, omdat zij alleen veehouders zal benaderen die zich vrijwillig bij haar hebben aangemeld als belangstellende voor de opkoopregeling.    

Nee, het gaat hier om een regeling waaraan uitsluitend op basis van vrijwilligheid wordt deelgenomen. Ook aanmelding is vrijwillig en zonder verplichting tot verkoop. U bepaalt zelf of u in onderhandeling gaat met de provincie en of u overeenstemming bereikt over de verkoop.

De gerichte aankoop van piekbelasters stikstof is een van de 16 bronmaatregelen voor het terugdringen van de stikstofbelasting van natuurgebieden die het Kabinet bekend heeft gemaakt. Een van de andere bronmaatregelen is een landelijke beëindigingsmaatregel voor veehouderijen. Deze maatregel zal naar verwachting in de loop van 2021 worden opengesteld.  

Verwachting is dat deze, evenals de opkoopregeling, zal verplichten tot intrekking van vergunningen en het - tegen betaling  - laten doorhalen van varkens- pluimvee- en fosfaatrechten door de stoppende piekbelasters stikstof. Beide bronmaatregelen zijn bedoeld voor beëindiging van piekbelastende veehouderijen. 

Het belangrijkste verschil tussen de door de provincies uit te voeren opkoopregeling en de door de Rijksoverheid uit te voeren landelijke beëindigingsmaatregel is dat de opkoopregeling voorziet in het sluiten van koopovereenkomsten tussen de provincies en de stoppende piekbelasters stikstof op uitnodiging van de provincies, terwijl de landelijke beëindigingsmaatregel een subsidieregeling zal zijn waarop piekbelasters stikstof kunnen inschrijven. In het kader van de opkoopregeling is maatwerk mogelijk, waarbij door de aan te kopen veehouderijen kan worden onderhandeld over de voorwaarden. Bij de landelijke beëindigingsmaatregel zijn de subsidievoorwaarden bepalend.  
 

Het gaat hierbij om hexagonen (hectares in zeshoekvorm) met stikstofgevoelige habitats binnen een Natura 2000-gebied. Bij het maken van een berekening in de AERIUS Calculator wordt duidelijk hoeveel neerslag van stikstof uw bedrijf veroorzaakt op stikstofgevoelige hexagonen. 
 

De opkoopregeling is gericht op het stoppen van de veehouderij, waarbij de stallen worden afgebroken of een andere bestemming krijgen. Om dit te verwezenlijken koopt de provincie de bedrijfsgebouwen aan, al dan niet met de ondergrond. Van aankoop van zogenoemde losse stikstofruimte kan geen sprake zijn.

In paragraaf 2 van de toelichting bij de opkoopregeling staat dat het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) heeft berekend dat de stikstofdepositie door deze maatregel daalt met 9,1 mol stikstof/ha/jaar in 2030. De provincie vindt een daling van deze omvang substantieel. Het resultaat is overigens afhankelijk van onder meer de bereidheid van veehouders tot verkoop en de verdeling van de aankopen over de sectoren (melkvee, pluimvee, varkens, etc.).  

Het doel van de opkoopregeling is om de kwaliteit van Natura 2000-gebieden te vergroten. Dit gebeurt in de eerste plaats door het op vrijwillige basis wegnemen van stikstofdepositie uit de bedrijfsgebouwen van veehouderijen. De regeling maakt het daarnaast mogelijk om, eveneens op vrijwillige basis, bij de aan te kopen veehouderijvestiging behorende landbouwgrond aan te kopen. Hiermee kunnen diverse nevendoelen worden gediend, waaronder het klimaatbestendiger maken van (verdrogingsgevoelige) gebieden en het vergroten van de kwaliteit van de leefomgeving. In paragraaf 2 van de toelichting bij de opkoopregeling staat hierover onder meer: “Zo kan door aangepast gebruik van aangekochte landbouwgrond worden bewerkstelligd dat die grond bufferend werkt voor het nabije Natura 2000-gebied. Ook kan gekochte grond onder omstandigheden worden gebruikt om blijvende en verplaatsende veehouders te faciliteren, en zo kan ’schuifruimte’ in het gebiedsproces worden gecreëerd.” 

De Minister van LNV heeft aan de Tweede Kamer het volgende meegedeeld over aanwending van de weg te nemen stikstofruimte: “De vrijkomende stikstofdepositieruimte wordt in samenwerking met provincies ingezet. Deels voor het herstel van de natuur door het verlagen van de depositie op Natura 2000-gebieden, deels daar waar nodig voor het legaliseren van de meldingen, en voor het resterende deel voor alle ontwikkelingen die in dat gebied noodzakelijk respectievelijk gewenst zijn, inclusief rijksprojecten. Dit betreft ook de nationale belangen. Daarnaast kan de ruimte worden betrokken bij eventuele problematiek die volgt uit de uitzonderingen op het niet-vergunningplichtig zijn van bemesten.” (Brief van 7 februari 2020 aan de Tweede Kamer “Voortgang stikstofproblematiek: maatregelen landbouw en verdere impuls gebiedsgerichte aanpak”)

De Minister van LNV besluit in samenwerking met de provincies over de inzet van de weg te nemen stikstofruimte. Deels kan deze ruimte worden ingezet voor het legaliseren van PAS-meldingen. Zie verder het antwoord op de vorige vraag.

Algemene informatie over het aankopen van piekbelasters stikstof vindt u op deze informatiepagina

Als u daar geen antwoord vindt op uw vraag en ook deze lijst van veelgestelde vragen geen uitkomst biedt, dan kunt u contact opnemen met het Ondersteuningsloket Stikstof van de provincie Noord-Brabant.  

De provincie Noord-Brabant koopt uw veehouderij alleen op als dit niet te duur is in verhouding tot de afname van stikstof. Hiervoor zijn normen vastgelegd in de Regeling provinciale aankoop van veehouderijen nabij natuurgebieden van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. 

Dit kunt u (laten) uitrekenen met behulp van de AERIUS Aankoop Calculator; zie ook het antwoord op de vraag: Hoe weet ik of ik een piekbelaster stikstof ben? 

De provincie Noord-Brabant richt zich op aankoop van bedrijfsgebouwen en bijbehorende landbouwgrond. Als u uw woning ook wil verkopen, dan kan dat, maar u bent daartoe niet verplicht.  

Als u ervoor kiest uw woning niet te verkopen, dan zal de provincie u een aanbod doen voor de bedrijfsgebouwen zonder de ondergrond. Als u ervoor kiest uw woning wel te verkopen, dan krijgt u een aanbod voor alle opstallen (stallen + woning) inclusief de ondergrond. 

Ja dat kan, maar niet als die andere functie een veebedrijf omvat. Om blijvende vermindering van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden te bereiken moet de veehouderij definitief onmogelijk worden gemaakt op de vestigingslocatie.  

Ja, dat kan. De opkoopregeling voor piekbelasters stikstof maakt het mogelijk de omgevingsrechtelijke melding of vergunning en de natuurvergunning aan te passen, mits er niet langer veehouderijactiviteiten zijn toegestaan. Onder dezelfde voorwaarde moet ook de planologische bestemming van de veehouderij worden gewijzigd. In beginsel mag maximaal 15% van de stikstofruimte worden behouden. Hoeveel er in uw situatie kan worden behouden wordt vastgelegd in de koopovereenkomst en in de aangepaste melding of vergunning.

De activiteiten van uw bedrijf moeten worden beëindigd uiterlijk binnen een jaar na het sluiten van de koopovereenkomst. Als productieronden van de door u gehouden diersoort normaal gesproken langer duren dan een jaar, dan geldt de gangbare termijn voor deze productieronden. Hierover worden in de koopovereenkomst afspraken vastgelegd. 

De dierrechten van een veehouder die stopt in het kader van de opkoopregeling moeten door de veehouder worden doorgehaald tegen vergoeding van de marktprijs.  

Ja, bedrijven die nadenken over hun toekomst en stoppen overwegen kunnen gebruik maken van een VAB-voucher. Tientallen deskundige en specialisten staan klaar U onafhankelijk te wijzen op de verschillende mogelijkheden om tot sloop, omschakeling danwel herbestemming te komen. Zie ook https://www.brabant.nl/subsites/vabimpuls  

De provincie vindt het onwenselijk dat varkens- of pluimveebedrijven die worden aangekocht in het kader van de opkoopregeling voor piekbelasters stikstof de beëindiging van hun bedrijf inzetten voor de verkrijging van het planologische recht om een ruimte-voor-ruimte-kavel te ontwikkelen. Daarom zal de provincie eisen dat dit in de koopovereenkomst wordt uitgesloten. Andersom geldt dat voor de ontwikkeling van een ruimte-voor-ruimtekavel een of meer veehouderijen gericht op het houden van varkens of pluimvee geheel moeten zijn beëindigd. Dergelijke beëindigde veebedrijven komen niet in aanmerking voor aankoop in het kader van de opkoopregeling. 

Een van de voorwaarden voor staldering is dat voor de sloop of herbestemming van dierenverblijfsruimte waarmee de staldering tot stand wordt gebracht geen gebruik is gemaakt van een provinciale saneringsregeling. De aankoop van veehouderijen door de provincie in het kader van de opkoopregeling voor piekbelasters stikstof, die gepaard gaat met sloop en/of herbestemming van de dierenverblijven, moet op één lijn worden gesteld met het gebruik maken van een provinciale saneringsregeling. Een combinatie van het aankopen van een piekbelaster en het stalderen met de te slopen of te herbestemmen dierenverblijfsruimte is daarom niet mogelijk.

Bij de aankoop van een veehouderij in het kader van de opkoopregeling voor piekbelasters stikstof is het wegnemen van de stikstofemissie en de daarmee samenhangende stikstofdepositie op stikstofgevoelig Natura 2000-gebied het hoofddoel. Het gebruik van de vrijkomende stikstofruimte voor externe saldering zou ernstig afbreuk doen aan dit hoofddoel. Een combinatie van het aankopen van een veehouderij in het kader van de opkoopregeling en externe saldering met de daarbij vrijkomende stikstofruimte is daarom niet mogelijk.

Als u geen piekbelaster blijkt te zijn, dan kunt u overwegen om mee te doen met de landelijke stoppersregeling voor piekbelasters stikstof. Meer hierover vindt u in het antwoord op de vraag: Er komt ook een landelijke stoppersregeling voor piekbelasters stikstof, wat zijn de verschillen? Voor zover nu bekend zal deze regeling geen drempelwaarde bevatten voor deelname. Wel moet u er rekening mee houden dat veehouderijen met de hoogste stikstofbelasting van stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden het eerste in aanmerking zullen komen voor deelname aan de landelijke stoppersregeling.

Daarnaast kunt u zich vrijblijvend aanmelden bij het Ondersteuningsloket Stikstof om in aanmerking te komen voor een mogelijke transactie met een saldovragende partij (externe saldering). 

Het gaat om de gerealiseerde dierplaatsen voor zover deze binnen de vergunning passen. Het bedrijf mag eerder zijn gestopt met het houden van dieren, als de dierplaatsen opnieuw kunnen worden bezet zonder aanpassing(en) waarvoor een natuurvergunning of omgevingsvergunning, onderdeel bouwen, is vereist. Als het een veehouderij met fosfaat-, varkens- en pluimveerechten betreft, dan moet de eigenaar beschikken over tenminste 80% van de productierechten die nodig zijn voor de bezetting van de gerealiseerde dierplaatsen.

Nee, dat mag niet, aangenomen dat het om twee takken gaat die beide als een veehouderij in de zin van de opkoopregeling voor piekbelasters stikstof kunnen worden aangemerkt en deel uitmaken van dezelfde veehouderijvestiging.

U kunt alleen doorgaan met bedrijvigheid op uw locatie als die geen veehouderij omvat. Doorgaan met een melkveehouderij is dus niet mogelijk, doorgaan met een akkerbouwbedrijf wel, mits dit is toegestaan volgens het ter plaatse geldende bestemmingsplan en u de nodige vergunningen kunt krijgen. 

In beginsel is dit mogelijk. Zie ook het antwoord op de vorige vraag. Het houden van paarden voor begrazing van weiden die zijn onttrokken aan de melkveehouderij ziet de provincie in het algemeen niet als een veehouderijactiviteit. 

Volgens de opkoopregeling mag u na de beëindiging van uw varkenshouderij geen veehouderijactiviteiten meer verrichten waarbij landbouwhuisdieren worden gehouden. De provincie beschouwt wormen niet als landbouwhuisdieren. Hiervoor sluit de provincie aan bij de Nederlandse milieuwetgeving (zie Nota van Toelichting bij de toevoeging van de bepalingen over agrarische activiteiten aan het Activiteitenbesluit milieubeheer, Stb 2012 nr. 441, pagina 116). Daarom is het na deelname aan de opkoopregeling toegestaan dat u met een wormenkwekerij begint. Vanzelfsprekend heeft u hiervoor wel een omgevingsvergunning nodig. 

Belangstellende veehouders konden zich tussen 18 januari en 1 maart 2021 vrijblijvend aanmelden via het aanmeldformulier voor de eerste ronde van de opkoopregeling. De eerste ronde is nu gesloten. 

Tot en met 1 maart hebben zich 28 belangstellenden gemeld. De provincie onderzoekt nu of aanmeldingen compleet en ontvankelijk zijn. Vervolgens gaan wij over tot prioritering aan de hand van twee criteria: de omvang en locatie van stikstofdepositie op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden en de omvang en locatie van de aangeboden landbouwgrond.

Mocht u vragen hebben over de opkoopregeling of uw aanmelding, neem dan contact op met het Ondersteuningsloket Stikstof van de provincie. 

De tweede en derde ronde van de regeling volgen naar verwachting in het begin van 2022 en 2023. Het Rijk stelt namelijk in drie rondes geld beschikbaar aan de provincies om piekbelasters stikstof te kunnen aankopen. 

Voor uw aanmelding via het aanmeldformulier (aanmelding 1e ronde is gesloten) vraagt de provincie een overzicht van kadastrale percelen en oppervlakten en een kaart van de ligging van het bouwblok en (eventueel) de landbouwgrond die u aan wenst te bieden.

Verder vraagt de provincie alleen de gegevens die zij nodig heeft om te kunnen zien of uw veehouderij een piekbelaster is en in welke mate aankoop van uw veehouderij kosteneffectief zal zijn. Hiervoor moet u een stikstofdepositieberekening en een aankoopberekening meesturen, beide gemaakt na 1 januari 2021:

Bij het gebuikt van de AERIUS Calculator vult u het aantal dierplaatsen van uw veehouderij in, voor zover dit aantal past binnen uw natuur- of milieuvergunning. Als u over beide vergunningen beschikt, dan gaat u uit van de natuurvergunning. 

Bij het gebruik van de AERIUS Aankoop Calculator vult u bij de post “Bedrijfsmiddelen en –gebouwen” de door u geschatte marktwaarde in van de bedrijfsonderdelen die u wenst te verkopen (complete bedrijfsvestiging, of stallen en bijbehorende bouwwerken zonder woning). Bij de post “Verwerving landbouwgrond” vult u de door u geschatte marktwaarde in van de grond die u wenst te verkopen. Als u hogere waarden opgeeft dan de marktwaarden, dan loopt u het risico dat uw aankoop als minder kosteneffectief wordt aangemerkt en uw bedrijf om deze reden niet wordt geselecteerd voor aankoop. Als u lagere waarden opgeeft dan de marktwaarden, dan loopt u het risico dat dit in uw nadeel uitpakt bij de aankooponderhandelingen.



 

Wanneer u voldoet aan de criteria van een piekbelaster, maar niet in aanmerking komt voor aankoop nemen wij contact met u op. U kunt u zich dan uiteraard opnieuw aanmelden voor de tweede of derde ronde van de regeling, die naar verwachting start in het najaar van 2021 en 2022.

Bedrijven die nadenken over hun toekomst en stoppen overwegen kunnen ook gebruik maken van een VAB-voucher. Tientallen deskundige en specialisten staan klaar U onafhankelijk te wijzen op de verschillende mogelijkheden om tot sloop, omschakeling danwel herbestemming te komen. Zie ook https://www.brabant.nl/subsites/vabimpuls  

U kunt ook overwegen deel te nemen aan de landelijke stoppersregeling, zie ook het antwoord op de vraag: Er komt ook een landelijke stoppersregeling voor piekbelasters stikstof, wat zijn de verschillen? 

Daarnaast kunt u zich vrijblijvend aanmelden bij het Ondersteuningsloket Stikstof om in aanmerking te komen voor een mogelijke transactie met een saldovragende partij (externe saldering).
 

De Handleiding AERIUS Calculator kunt u vinden op https://www.aerius.nl/nl/publicaties/handleidingen-en-leeswijzers. Bij de invulling van het aantal dieren gaat u uit van het aantal gerealiseerde dierplaatsen voor zover dit binnen uw vergunning past.

Allereerst gaat de provincie Noord-Brabant na of de juiste gegevens zijn aangeleverd, of de aangemelde veehouderij inderdaad een piekbelaster is en of volgens een eerste schatting wordt voldaan aan de criteria voor kosteneffectiviteit.

Wanneer er meer aanmeldingen zijn dan er, met het budget uit de eerste tranche, veehouderijen kunnen worden aangekocht, brengt de provincie een rangorde aan in de aanmeldingen. Hierbij streeft de provincie naar een goed evenwicht tussen enerzijds het terugdringen van de stikstofbelasting op stikstofgevoelig Natura 2000-gebied en anderzijds hoe een aankoop kan bijdragen aan de gebiedsgerichte aanpak stikstof.

Vervolgens neemt de provincie binnen 6 weken na de sluiting van de aanmeldperiode (1 maart 2021) contact op met de eigenaren om het aankoopproces te starten.

Als er meer aanmeldingen binnenkomen dan naar verwachting kunnen worden aangekocht met het budget van de eerste tranche, dan brengt de provincie een rangorde aan. Hierbij streeft de provincie naar een goed evenwicht tussen enerzijds het terugdringen van de stikstofbelasting op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden en anderzijds hoe een aankoop kan bijdragen aan de gebiedsgerichte aanpak stikstof. De provincie neemt als eerste contact op met veehouderijen die hoog op de lijst staan en waarvan de aankoop binnen het budget past. Wanneer vervolgens nog budget beschikbaar is benadert de provincie volgende eigenaren op de lijst om ook met hen een aankoopproces te starten.  

De productierechten moeten voor ten minste 80% zonder beperking ter beschikking staan aan de veehouderij uiterlijk op de dag voordat de koopovereenkomst wordt ondertekend.

De volgende zaken moeten in ieder geval worden geregeld:  

  • de veehouderijvestiging moet definitief worden gesloten met een planologische borging; 
  • de dieren moeten worden afgevoerd; 
  • de meststoffen moeten worden verwijderd; 
  • de fosfaat- varkens- of pluimveerechten moeten worden doorgehaald; 
  • de vergunningen voor de veehouderijvestiging moeten worden ingetrokken of aangepast; 
  • de veehouder mag niet op een andere locatie een nieuw veehouderijbedrijf beginnen of een bestaand bedrijf overnemen. 
  • De bodem van de aan te kopen locatie zal worden onderzocht op verontreiniging; 

De provincie controleert of de afspraken uit de koopovereenkomst worden nageleefd.

De provincie wijst twee gecertificeerde taxateurs aan die de taxatie uitvoeren.  

De taxateurs moeten zijn ingeschreven bij de Kamer Landelijk en Agrarisch Vastgoed (LAV) van het Nederlands Register Vastgoed Taxateurs (NRVT).

De provincie doet u een aanbod op basis de marktwaarde van de aan te kopen veehouderij. Voor de bepaling daarvan laat zij een taxatie uitvoeren. Op basis van het uitgebrachte aanbod volgen onderhandelingen met de eigenaar over de precieze inhoud van de te sluiten overeenkomst.  

Het betreft hier een aankoop op basis van de getaxeerde marktwaarde van het bedrijf. Bijkomende kosten worden niet vergoed. 

Ja, u kunt dan bijvoorbeeld deelnemen aan de landelijke stoppersregeling, zie ook het antwoord op de vraag: Er komt ook een landelijke stoppersregeling voor piekbelasters stikstof, wat zijn de verschillen?

Ook is het mogelijk dat u alsnog in aanmerking komt voor aankoop door de provincie Noord-Brabant op basis van de tweede of de derde tranche van de opkoopregeling.

Daarnaast kunt u zich vrijblijvend aanmelden bij het Ondersteuningsloket Stikstof om in aanmerking te komen voor een mogelijke transactie met een saldovragende partij (externe saldering).  
 

Het Rijk verplicht de provincie om alle koopovereenkomsten binnen achttien maanden na de openstelling van de eerste tranche te sluiten. Aangezien de eerste tranche van de opkoopregeling is opengesteld op 4 november 2020 is de uiterste datum waarop koopovereenkomsten onder deze tranche kunnen worden gesloten 3 mei 2022. Als verkopende partij kunt u tot aan de ondertekening van de koopovereenkomst besluiten af te zien van de verkoop.

Volgens de opkoopregeling zorgt de provincie dat de planologische bestemming van de vestiging van de veehouderij zodanig wordt gewijzigd dat op die plaats niet langer veehouderijactiviteiten kunnen plaatsvinden. Voor zover dit aan de orde is zorgt de provincie ook dat de planologische bestemming van de grond wordt aangepast. Aanpassing van bestemmingsplannen is in eerste instantie een bevoegdheid van het gemeentebestuur. De provincie zal daarom waar nodig in overleg treden met de gemeenten over de herbestemming.

Als de provincie de bedrijfsgebouwen én de woning aankoopt, dan zal zij zelf zorgen voor sloop van overtollige bebouwing en herbestemming van de locatie. In andere gevallen kan de provincie met de veehouder overeenkomen dat hij de gemeente benadert met een verzoek om herbestemming. De hiermee samenhangende advieskosten vergoedt de provincie tot het maximum van € 10.000,- .

Het aanbod van de provincie zal gebaseerd zijn op de getaxeerde marktwaarde van de bedrijfsgebouwen van de veehouderij, inclusief de bijbehorende vergunningen. Er is geen sprake van een afzonderlijke vergoeding voor de vergunning waarin de stikstofruimte besloten ligt.

De inhoud van de overeenkomst is maatwerk per situatie. Uitsplitsing van de koopsom kan hiervan een onderdeel zijn. 

Nee, als u piekbelaster bent en deelneemt aan de vrijwillige aankoop hoeft u uw landbouwgrond niet te verkopen aan de provincie Noord-Brabant. Wel is het zo dat piekbelasters die ook landbouwgrond willen verkopen een grotere kans maken om met de provincie in onderhandeling te kunnen treden over verkoop.

Het omvormen van landbouwgrond met gebruikmaking van een subsidie van het GOB is mogelijk in combinatie met verkoop van uw bedrijf als piekbelaster. Wel moet u er rekening mee houden dat uw bedrijf een lagere plaats kan krijgen in de rangorde van aan te kopen bedrijven als u uw landbouwgrond niet te koop aanbiedt. 

De provincie wil twee doelen bereiken. In de eerste plaats afname van de stikstofbelasting van stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. In de tweede plaats verwerving van grond voor inzet in de gebiedsgerichte aanpak. De aan te kopen grond wil de provincie enerzijds gebruiken om grondgebonden landbouw te helpen met structuurversterking en anderzijds om deze landbouw te helpen met extensivering ten gunste van aangrenzend natuurgebied. Bij het selecteren en prioriteren van veehouderijen die zich aanmelden voor aankoop streeft de provincie naar een goed evenwicht tussen beide doelen. Dit betekent dat bedrijven die niet alleen hun veehouderij, maar ook hun landbouwgrond te koop aanbieden een streepje voor hebben. Bedrijven die geen landbouwgrond (kunnen) aanbieden kunnen echter wel degelijk een kans maken om te worden aangekocht, als zij een bijzonder hoge depositie hebben op stikstofgevoelig Natura 2000-gebied.

Gronden die niet in het Natuurnetwerk Brabant (NNB) liggen behouden in beginsel hun landbouwbestemming. Waar dat nodig is maakt de provincie met de nieuwe eigenaar of pachter afspraken over extensivering van het grondgebruik, het tegengaan van verdroging, weidegang, en dergelijke. Hierdoor zal de emissie en depositie van stikstof afnemen. 

Ja. Op 15 december 2020 is de Brabantse Ontwikkelaanpak Stikstof (BOS) vastgesteld door Gedeputeerde Staten. De aangekochte grond wordt ingezet om in de schil van Natura 2000-gebieden te werken aan het behalen van instandhoudingsdoelen voor stikstofgevoelige natuur; zie hoofdstuk 3.1 BOS. In paragraaf 3.1.2 staat dat deze aanpak gepaard gaat met perspectief voor een duurzame landbouw. Hiervoor wordt bekeken of veehouders via kavelruil met de verworven gronden geholpen kunnen worden met het creëren van grotere huiskavels (stimuleren beweiden) en/of meer grond voor hun bedrijf (extensiveren).

Dit zal per situatie verschillend zijn. De verworven gronden worden zoals aangegeven in het antwoord op de vorige vraag ingezet voor het behalen van de instandhoudingsdoelen voor stikstofgevoelige natuur. Omdat dit meerjarige projecten vergt, is niet uit te sluiten dat in sommige gevallen gronden tijdelijk terug gepacht kunnen worden in afwachting van een definitieve bestemming of inrichting voor natuurdoelen.

Nee, er geldt geen beroepsverbod. Het kan zijn dat een veehouder die gebruik maakt van de gerichte opkoopregeling een andere veehouderijlocatie heeft dan de locatie waarover de koopovereenkomst gaat. Veehouders mogen die eventuele andere locatie(s) dan gewoon blijven voortzetten.   

In de koopovereenkomst wordt een bepaling opgenomen die het de veehouder verbiedt om elders in Nederland een veehouderij te vestigen of over te nemen, ook niet via een deelneming van de veehouder in een vennootschap, samenwerkingsverband of anderszins. Bij de behandeling van het wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering (kamerstukken 35 600) heeft de Minister van LNV laten weten dat het verbod om elders een veehouderij over te nemen zal worden geschrapt.

Het hoofddoel van deze regeling is gericht op het verminderen van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, via opkoop van piekbelasters nabij deze gebieden. Door deze veehouderijen definitief te beëindigen, wordt de stikstofdepositie bij deze gevoelige Natura 2000-gebieden direct verlaagd. 

Een van de nevendoelen van deze regeling is het leveren van een bijdrage aan het verminderen van de landelijke stikstofuitstoot om daarmee ontwikkelruimte te creëren. Bijvoorbeeld voor boeren die willen blijven, voor het legaliseren van meldingen of om nieuwe activiteiten anders dan veehouderijen mogelijk te maken. 

De regeling heeft daarmee het karakter van een stoppersregeling. Als een veehouder elders opnieuw een bedrijf wil beginnen of een bestaand bedrijf wil overnemen, gaat het om een verplaatsing van de activiteiten. Daar is deze regeling niet voor bedoeld. 

Veehouders die willen verduurzamen of verplaatsen (nieuwe vestiging of overname), kunnen gebruik maken van één van de andere regelingen die het ministerie van LNV specifiek voor die doeleinden beschikbaar stelt. Bijvoorbeeld de Subsidie voor innovatie en verduurzaming van stallen (SBV), het Bedrijfsovernamefonds of het Omschakelfonds.

Ook de provincie kent stimuleringsregeling voor de verdere verduurzaming van de veehouderij. Deze zijn te vinden op: https://www.brabant.nl/onderwerpen/platteland/veehouderij/innovatie

Ja, dat mag. Veehouders die gebruik maken van deze regeling mogen niet op een andere locatie een veehouderijbedrijf beginnen of overnemen. Er gelden geen beperkingen voor indiensttreding als werknemer bij een andere veehouderij. 

Het herstartverbod van de gerichte opkoopregeling houdt in dat er een herstartverbod geldt voor de veehouderij die de koop sluit. Als die veehouderij de bedrijfsvorm heeft van een maatschap, geldt de voorwaarde van het herstartverbod voor elk van de maten van de maatschap. Dit hangt samen met het doel van deze regeling: het laten beëindigen van bepaalde veehouderijactiviteiten en het willen borgen daarvan. 

Dat betekent voor bovenstaand voorbeeld dat de zoon niet later op een andere plek een bedrijf kan starten of overnemen. Het maakt duidelijk dat een veehouder goed moet bezien of verkoop in het kader van deze regeling in dat geval de beste optie is. Een andere optie voor betrokkene is ervoor te kiezen het bedrijf aan een particuliere partij te verkopen, dan is er geen belemmering voor herstarten op een andere plaats. 

Deze regeling is gericht op het definitief beëindigen van veehouderijlocaties. Daarom heeft deze regeling het karakter van een stoppersregeling. Wanneer een veehouder de intentie heeft om elders een bedrijf over te nemen is deze regeling daarvoor niet het geëigende instrument. 

Veehouders die willen verduurzamen of verplaatsen (nieuwe vestiging of overname), kunnen gebruik maken van één van de andere regelingen die het ministerie van LNV specifiek voor die doeleinden beschikbaar stelt. Bijvoorbeeld de Subsidie voor innovatie en verduurzaming van stallen (SBV), het Bedrijfsovernamefonds of het Omschakelfonds. 
 

Cookie-instellingen
Cookie-instellingen sluiten

Cookie-instellingen wijzigen

Deze website maakt gebruik van cookies. Cookies worden onder andere gebruikt voor het bijhouden van statistieken, het opslaan van voorkeuren, het optimaliseren van deze website, de integratie van social media en marketingdoeleinden. Lees meer over cookies en jouw privacy in ons cookieverklaring. Wij gebruiken de hieronder genoemde soorten cookies.


Deze cookies gebruiken we om de basisfuncties van deze website te kunnen laten draaien en om inzicht te krijgen in het gebruik. Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens. Deze cookies zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website en worden daarom altijd geplaatst.

Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.

Indien u deze toestaat, worden deze cookies gebruikt door aanbieders van externe content die op deze website kan worden getoond. In sommige gevallen gaat het daarbij om marketing- en/of tracking cookies, die het gedrag van bezoekers vastleggen en op basis daarvan gepersonaliseerde advertenties tonen op andere websites.